Home → Wetgeving → Uitzendarbeid → Welzijnswet werknemers 1996

Welzijnswet werknemers 1996

Welzijnswet 1996

Hoofdstuk IV, Afdeling 2. "Werkzaamheden van de uitzendkrachten bij gebruikers"

 

Bij uitzendarbeid zijn twee principes heel belangrijk:

  •  uitzendkrachten worden tewerkgesteld bij gebruikers die de Welzijnswet van 1996 respecteren,
  • gebruikers rekenen op uitzendbureaus die de verplichtingen van de Welzijnswet correct toepassen.

 

Deze principes worden verwoord in:

  •  Art. 12bis . De bepalingen van deze afdeling zijn van toepassing op de gebruiker en het uitzendbureau zoals bedoeld in de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers. [...]
  • Art. 12ter . Elke gebruiker van uitzendkrachten is ertoe gehouden de diensten te weigeren van het uitzendbureau waarvan hij kan weten dat het zijn verplichtingen opgelegd door deze wet en door de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers en hun respectievelijke uitvoeringsbesluiten ten aanzien van zijn uitzendkrachten niet naleeft. [...] 
  • Art. 12quater. Elk uitzendbureau is ertoe gehouden te weigeren zijn uitzendkrachten ter beschikking te stellen van de gebruiker van wie hij kan weten dat deze zijn verplichtingen opgelegd door deze wet en door de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers en hun uitvoeringsbesluiten, ten aanzien van zijn uitzendkrachten niet naleeft. [...]"


Dit is een zeer theoretische benadering waarvan de juridische consequenties niet duidelijk zijn. Als toelichting bij haar voorstel heeft de Minister enkele voorbeelden gegeven om te illustreren wat bedoeld wordt met beide artikelen.

Een uitzendbureau weet dat een gebruiker de wetgeving i.v.m. het welzijn van uitzendkrachten niet respecteert indien :

  • Deze geen werkpostfiche bezorgt (opmerking : enkel verplicht voor functies waar een medisch onderzoek noodzakelijk is) of zeer gebrekkige informatie geeft over het profiel dat de uitzendkracht zou moeten hebben.
  • De uitzendkracht doet zijn beklag bij zijn uitzendbureau over de gevaarlijke arbeidsomstandigheden bij de gebruiker

 

Een gebruiker kan weten dat het uitzendbureau de wetgeving i.v.m. het welzijn van de uitzendkracht niet respecteert indien :

  • De gebruiker, die het uitzendbureau behoorlijk heeft geïnformeerd, vaststelt dat de veiligheidsvoorschriften niet werden doorgegeven aan de uitzendkracht die in zijn onderneming komt werken.
  • De gebruiker stelt vast dat het uitzendbureau een werknemer ter beschikking stelt die niet voldoet aan de gevraagde beroepskwalificatie.



Wet 24 juli 1987

Afdeling 3 - Verplichtingen van de gebruiker

    Art. 19. Gedurende de periode waarin de uitzendkracht bij de gebruiker werkt staat deze in voor de toepassing van de bepalingen van de wetgeving inzake de reglementering en de bescherming van de arbeid welke gelden op de plaats van het werk.
    Voor de toepassing van het eerste lid, worden de bepalingen die betrekking hebben op de arbeidsduur, de feestdagen, de zondagsrust, de vrouwenarbeid, de arbeid van jeugdige personen, de nachtarbeid, de arbeidsreglementen, de gezondheid en de veiligheid van de werknemers, alsmede de salubriteit van het werk en van de werkplaatsen, beschouwd als bepalingen die gelden op de plaats van het werk.
    De Koning kan, na advies van het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en voor wat de bepalingen betreft inzake de gezondheid en de veiligheid van de werknemers, evenals inzake de salubriteit van het werk en van de werkplaatsen na advies van de Hoge Raad voor veiligheid, gezondheid en verfraaiing van de werkplaatsen :
    1° de in het tweede lid vermelde opsomming wijzigen of aanvullen ;
    2° bepalen welke de verplichtingen van genoemde wetgeving zijn die respectievelijk op de gebruiker en op het uitzendbureau rusten. "


Praktisch betekent dit dat in de wetgeving in verband met het welzijn van de werknemer tijdens het werk, nl. de welzijnswet en zijn uitvoeringsbesluiten, de inlener als werkgever beschouwd wordt.
Enkel indien dit uitdrukkelijk bepaald wordt, zijn sommige verplichtingen opgelegd aan het uitzendbureau. Deze bepalingen zijn vastgelegd in specifieke Koninklijke Besluiten of CAO's.

Codex over het welzijn op het werk

Titel VIII : bijzondere werknemerscategorieën en werksituaties
Hoofdstuk IV : uitzendarbeid (K.B. van 19/02/1997 - B.S. 18/12/1997  is sedert 1.1.2011 vervangen door het KB van 15.12.2010 - BS 28.12.2010)  Daarin worden de procedure bij de bestelling van de uitzendkracht, het gebruik van de werkpostfiche en het gezondheidstoezicht behandeld.

Collectieve arbeidsovereenkomsten

De CAO van 9/03/1998 betreffende de werk- en beschermingskledij van uitzendkrachten werd algemeen bindend verklaard door het K.B. van 8/10/1998 (B.S. 28/11/1998) ; Integrale tekst
De CAO van 10/12/2001 betreffende het onthaal en de aanpassing van uitzendkrachten in de onderneming werd algemeen bindend verklaard door het K.B. van 22/08/2002 (BS 4/10/2002) . Integrale tekst

De centrale preventiedienst voor de uitzendsector

 

(K.B. van 4/12/1997 - B.S. 18/12/1997)

Integrale tekst

 

Toelichtingen bij de wetgeving over arbeidsveiligheid op internet

Op de website van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg zijn enkele toelichtingen over de Wet Welzijn en over bepaalde 'Codex'-KB's (de Koninklijke Besluiten die een gedeelte van de Codex over het welzijn op het werk invullen) te raadplegen.